Hengelo
info@metinfotografie.nl
metinfotografie.nl
Lynne Greenaway
Erna ter Haar
Dorothee Kellner
Jenny de Groot
<< Foto expositie ‘Onzichtbaar’
Bio
Metin Yirtici is een conceptueel fotograaf en beeldend kunstenaar uit Hengelo. Hij maakt verhalende, projectmatige fotografie waarin kwetsbaarheid, gelaagdheid en het spanningsveld tussen wat zichtbaar is en wat verborgen blijft centraal staan. Zijn beelden vragen om langer te kijken: niet om direct een antwoord te geven, maar om de toeschouwer uit te nodigen voorbij de eerste indruk te bewegen.
Yirtici’s artistieke taal is gevormd door een liefde voor film en regie: al vroeg wilde hij verhalen vertellen in scènes. Die drang bracht hem naar de opleiding Fotonica in Ede, waar hij werd opgeleid als fotograaf en videotechnicus/regisseur.
Fotografie werd zijn manier om te regisseren zonder woorden, een medium waarin hij, met camera en nabewerking, een wereld kan bouwen die tegelijk persoonlijk en universeel aanvoelt.
In zijn werk keert één overtuiging steeds terug: wat iemand meedraagt is zelden direct te zien. Achter een glimlach kan een afspraak met de wereld schuilgaan: “kijk maar verder, er is niets aan de hand.” Vanuit die gevoeligheid ontwikkelt Yirtici esthetisch projecten, die ook ruimte maken voor aandacht en gesprek.

Onzichtbaar — Wat we meedragen
Voor de expositie en gezamenlijke catalogus ‘Onzichtbaar’ ontwikkelde Metin Yirtici het meerluik ‘Wat we meedragen’: een conceptueel fotoproject over wat mensen met zich meenemen, ervaringen, schaamte, verwachtingen, en soms ook bagage die al bestond vóór jou. Het werk vertrekt vanuit (online) pesten en het stille buitensluiten, maar zoomt uit naar een grotere vraag: wat dragen we mee, wat kunnen we verdragen en wanneer wordt het tijd om los te laten?
De kern van het project is onzichtbaarheid in meerdere betekenissen: kinderen die liever verdwijnen om geen doelwit te zijn; online buitensluiting die zich afspeelt buiten het zicht; pijn die wordt weggelachen of weggestopt; en signalen die door de omgeving gemist worden. In drie subprojecten maakt Yirtici zichtbaar wat doorgaans onder de oppervlakte blijft.
Een schuilplaats in de onzichtbaarheid
In een schoolgang vol beweging worden leerlingen door lange sluitertijd zachte, onherkenbare schimmen. Enkele rugzakken blijven relatief scherp en lijken te zweven: een beeld voor hoe iemand kan verdwijnen in de massa, terwijl de last zichtbaar blijft.
Ontluiken — Hoe gaat het écht met je?
Portretten als lenticulaire foto’s: wanneer de bezoeker beweegt, verschuift het beeld en verschijnen meerdere lagen van één gezicht echt, gemaakt/onbedekt. De vorm is geen truc maar een uitnodiging: verplaats je blik, blijf niet staan bij de eerste indruk. In die beweging ligt de vraag die het werk openbreekt: Hoe gaat het écht met je?
Wat we verdragen (…en loslaten)
In dit derde deel verwijst verdragen nadrukkelijk naar iets uithouden en accepteren: wat je lange tijd kunt blijven dragen zonder dat het zichtbaar is en wat je soms ook blijft vasthouden, terwijl het niet (meer) van jou hoeft te zijn. Het is een persoonlijk slotstuk over transformatie: hoe zwaarte kan kantelen wanneer je leert erkennen wat er is, het deelt, en ruimte maakt om los te laten. Het leven wordt niet perfect, maar wel lichter: met meer kleur, meer ruimte, en een houding die weer rechtop kan komen.
Samen vormen deze hoofdstukken een beweging van schuilen naar gezien worden naar loslaten. Onzichtbaar is daarmee niet alleen een project over wat verdwijnt, maar ook over wat kan ontstaan wanneer iemand wél gezien wordt: zonder oordeel, met tijd en aandacht.
Een schuilplaats in de onzichtbaarheid
Achter de deuren van vrijwel elke basisschool schuilt een werkelijkheid die gemakkelijk aan het oog ontsnapt. Ongeveer 19% van de basisschoolleerlingen krijgt te maken met pesten; dat komt neer op minstens vier kinderen per klas. Uitsluiting speelt bovendien niet alleen op het schoolplein, maar ook online: jongeren brengen gemiddeld uren per dag door in chatgroepen, en één op de vier wordt daar minstens één keer per maand buitengesloten. Het is pestgedrag dat vaak buiten beeld blijft, maar wel doorwerkt in eenzaamheid, onrust en sombere gevoelens.
In deze schoolgang beweegt een stroom leerlingen langs de camera. Door de lange sluitertijd verandert die massa in zachte schimmen: aanwezig, maar nauwelijks te grijpen. Tussen die beweging reizen enkele schooltassen mee. Ze zijn niet haarscherp stilgezet, maar dragen juist een zweem van beweging, zodat voelbaar wordt dat ze onderdeel zijn van dezelfde ruimte en hetzelfde moment. Toch blijven ze, zelfs in die beweging, opvallend leesbaar: als tekens van kinderen die wel bestaan in de groep, maar niet vanzelfsprekend worden gezien.
De drie beelden laten de aanwezigheid stap voor stap oplossen. In het tweede beeld schuift de stroom verder de gang in en groeit de afstand; de passerende massa kan nog verder vervagen in de ruimte. In het laatste beeld is de stroom leerlingen volledig uit beeld verdwenen. Alleen wat hen markeert blijft achter: de tassen, dragers van boeken, gymspullen en dagelijkse routine, maar ook van dat wat je niet kunt aanwijzen en toch meedraagt.
Het werk nodigt uit om langer te blijven staan dan comfortabel is en om de vraag toe te laten die vaak het meest vraagt:
Wie verdwijnt er in het volle zicht en wat dragen we met ons mee wanneer niemand kijkt?
Metin Yirtici
Bronnen (feiten): Stop Pesten Nu; Veilig Internetten (KPN-campagne 2025).
Ontluiken – Hoe gaat het écht met je?
Je komt binnen en ziet een lach. Maar een lach is niet altijd een antwoord. Soms is het een afspraak met de wereld: kijk maar verder, er is niets aan de hand.
In deze portretten laat ik vier kinderen in drie verschijningen zien: echt, gemaakt, onbedekt. De beelden zijn lenticulaire foto’s—ze veranderen wanneer jij beweegt. Niet als truc, maar als uitnodiging: blijf niet staan bij de eerste indruk. Verplaats je. Kantel je blik.
Ik maak dit werk omdat we vaak vragen “Hoe gaat het?” en genoegen nemen met “Goed.” Terwijl de echte vraag bijna altijd zachter is, en tegelijk moeilijker: Hoe gaat het echt met je?
Deze serie gaat over wat onder een glimlach kan leven—boosheid, verdriet, spanning—en over wat kan ontstaan wanneer een kind merkt: ik word gezien. Zonder oordeel. Met tijd. Met aandacht. Soms is onzichtbaarheid een schuilplaats. En soms is gezien worden het begin van ontluiken.
Op de volgende pagina’s delen deelnemers hun verhalen over pestervaringen. We beseffen dat deze verhalen kwetsbaar en persoonlijk zijn. Daarom hebben we de teksten in een kortere, terughoudende versie opgeschreven, met zorg en respect, zodat de deelnemers zich zo goed mogelijk beschermd en veilig kunnen voelen.
Persoonlijke noot
Toen ik zelf depressief was, mede door mijn eigen pestverleden, zei ik soms alleen nog: “En met jou?” Niet omdat het goed ging, maar omdat ik geen woorden had. Ik ben te eerlijk, dus daarom gaf ik geen antwoord, maar kwam ik met een wedervraag.
Tot een vriendin een glimp zag achter mijn masker. Ze nam de tijd. Ze vroeg door. Ik werd gezien, gehoord en geaccepteerd. Dit project komt daar vandaan.
Anthonie (13) — Wat klein lijkt, blijft hangen
Voor een buitenstaander kan het klein lijken: een etui, een ‘grap’, een prik. Maar wanneer het steeds terugkomt, wordt het groter dan het lijkt. Het stapelt zich op—en het blijft hangen.
Ik ben Anthonie, 13. Ik zit in de tweede klas.
Als ik terugdenk aan de brugklas, dan is het niet één groot moment dat ik me herinner. Het zit ’m juist in de herhaling—steeds weer hetzelfde, waardoor je op een gegeven moment nergens meer echt ontspannen bent.
Mijn etui werd vaak uit mijn tas gehaald en rondgegooid. Niet om het te stelen, maar om mijn reactie te krijgen. Ik kon snel boos worden. En precies dat vonden zij grappig.
Er waren ook andere dingen. Tijdens de toetsweek spoot iemand deodorant in mijn nek. En een keer tikte iemand met een schaar zacht in mijn zij. Misschien klinkt het klein, maar voor mij voelde het direct alsof er een grens werd overgestoken.
Ik ben ermee naar mijn ouders gegaan.
Nu denk ik er niet nooit meer aan. Het is ook rustiger geworden: twee jongens zijn naar een andere school gegaan. En ik heb manieren gevonden die helpen. Stoppen. Weggaan. Negeren. En soms naar een leraar toe. Als ik dat doe, houdt het vaak snel op.
Quote
“Mensen weten niet wat de impact van pesten is.”
Sam (14) — Gezien worden in een wereld die je mist
Pesten verandert soms van vorm. Wat eerst zichtbaar is, wordt later stil—maar het gevoel blijft hetzelfde: aanwezig zijn, maar niet meetellen.
Ik ben Sam, 14.
Bij mij begon het al vroeg, in groep 1. Het begon met buitensluiten. Over meegesleurd worden in spelletjes die niet veilig voelden. En vooral over het gevoel dat het niet altijd werd gezien, of niet werd geloofd.
Na een schoolwissel en een verhuizing werd het anders. Minder openlijk, maar niet minder echt. Ik werd genegeerd. Niet gekozen worden. Niet uitgenodigd. Niet meegenomen. Gewoon… er wel zijn, maar niet meetellen.
Sommige momenten kwamen pas later echt binnen. In groep 5 maakten oudere kinderen mij belachelijk en filmden dat. Toen snapte ik niet helemaal wat er gebeurde. Nu weet ik: vernedering kan blijven hangen, juist als het eerst ‘onschuldig’ lijkt.
Op de middelbare school is het pesten vaker verbaal en subtiel. Opmerkingen die als grap worden gebracht, maar toch blijven prikken.
Ik leef met onder andere ASS, ADD/ADHD, dyslexie en DCD. Ik merk dat mensen me daardoor soms onderschatten of verkeerd begrijpen. Dat kan frustrerend zijn.
Gelukkig zijn er ook plekken waar ik wél ruimte voel. Zoals theater. Daar kan ik mezelf zijn.
Quote
“Soms wordt het groter als je er steeds aan denkt, maar als je er één keer licht op schijnt, kun je het uitspreken en verder.”
Niels (17) — Uit de hand gelopen, toch goed gekomen
Soms is het niet één opmerking, maar een hele omgeving die langzaam invloed krijgt op hoe je naar jezelf kijkt.
Ik ben Niels, 17.
Er was een periode waarin de woorden en aannames van anderen steeds meer met me mee gingen. Op school, maar ook in mijn vriendengroep.
Ik werd gepest om mijn gezichtsbeharing. En er ontstonden situaties waarin mensen mij probeerden te koppelen aan iemand die ik al had afgewezen. Mensen maakten verhalen over wie ik ‘leuk’ zou vinden.
Voor mij voelde het eigenlijk simpel: iemand mooi vinden, het uitspreken, en daarna weer verder.
Maar door de reacties werd het ingewikkeld. Kwetsende woorden. Spanning in de groep. Soms zelfs tijdelijke uitsluiting. Het maakte me onzeker en somber.
In die periode werd het zo zwaar dat ik ook zelfmoordgedachten had, en momenten van zelfbeschadiging.
Wat me hielp, was praten met mensen die ik vertrouw en schrijven in mijn dagboek. Het duurde even voordat er passende hulp kwam, maar steun en duidelijke afspraken hebben uiteindelijk wel geholpen.
Nu gaat het beter. Over veel dingen ben ik heen gegroeid, al zijn sommige onzekerheden er nog.
Met mijn verhaal in deze expositie wil ik laten zien dat groepsdruk en woorden groot kunnen zijn—ook als het voor buitenstaanders klein lijkt.
Quote
“Uit de hand gelopen, maar alsnog goed gekomen.”
Lovina (19) — Je denkt dat je me ziet, maar zie je me echt?
Buitensluiting is niet altijd luid. Soms zit het in kleine momenten die zich opstapelen, tot je aan jezelf gaat twijfelen.
Ik ben Lovina, 19. Muziek en theater zijn al meer dan tien jaar belangrijk voor me. In mijn schooltijd voelde ik me vaak buitengesloten. Van de basisschool herinner ik me niet alles. Sommige delen lijken weggefilterd, maar af en toe komen er flarden terug: een lunchbakje dat omhoog wordt gehouden, een opmerking over wat ik mee had, blikken tussen klasgenoten. Het waren geen gebeurtenissen die je makkelijk kunt aanwijzen. Er was geen fysiek geweld en er werd niet altijd hardop gezegd wanneer ik het probleem was. Juist daardoor bleef het moeilijk om er woorden aan te geven. Ik praatte het gedrag van anderen lang goed.
Op de middelbare school begon ik opnieuw. Nieuwe mensen, nieuwe kansen en het idee dat ik het ‘beter’ kon doen. Om ervoor te zorgen dat ik niet aan de kant geschoven werd, paste ik me aan of probeerde juist niet op te vallen. Maar ik bleef onzeker over hoe ik werd gezien.
Rond mijn vijftiende besloot ik niet langer energie te willen stoppen in het gewild worden (en vooral het niet gewild worden). De afgelopen jaren voel ik me meer mezelf. Ik heb vriendschappen opgebouwd die echter en stabieler aanvoelen. Toch kunnen ervaringen onverwacht terugkomen—met vragen over waarom het gebeurde en wat het met me heeft gedaan.
Wat ik wil dat je meeneemt, is dit: kijk aandachtig. Voorbij je eerste indruk.
Quote
“Je denkt dat je me ziet, maar zie je me?”
Dankwoord
Mijn dank gaat uit naar Rinus Morsink van Theaterschool Barst. Via hem kon ik in contact komen met de kinderen en hun ouders. Juist in een drukke periode maakte hij ruimte om mee te denken en te helpen, dat waardeer ik enorm.
Ook wil ik de ouders en kinderen bedanken die mij hun vertrouwen gaven. In onze gesprekken deelden zij meer dan ik ooit in een korte tekst kan vangen, en meer dan ik uiteindelijk heb mogen opschrijven.
Na sommige gesprekken sliep ik een nacht onrustig. Niet omdat het ‘te veel’ was, maar omdat het dichtbij kwam. Omdat echte verhalen blijven hangen.
Wat we verdagen
Vroeger ben ik gepest. Dat is een zin die zich makkelijk laat uitspreken, maar de impact ervan reisde nog jarenlang onzichtbaar met me mee als een loodzware ballast uit het verleden. Wat het extra destructief maakte, was de overlap tussen buiten en binnen. Want wat is het verschil, maar ook de link, tussen buiten op straat gepest worden door anderen, en thuis door je eigen ouders mentaal kapot te worden gemaakt? Het betekende dat de onveiligheid overal was. Er was geen schuilplaats.
Die constante druk vormde de basis voor een zware depressie. In die tijd trok ik me volledig terug in het donker; ik droeg uitsluitend zwarte kleding, liet mijn haar groeien en bekeek de wereld met een diep pessimisme. De donkerte zat op een gegeven moment zo diep dat ik niet meer wilde leven. Ik zocht naar een uitweg, een manier om ‘uit’ te gaan.
Mijn redding lag in het uiten. Ik begon mijn somberheid en destructieve gedachten slordig op papier te schrijven om de chaos in mijn hoofd te ontladen. Toen een goede vriendin die teksten las en écht de tijd voor me nam, begon er iets te verschuiven. Door te delen wat er in mijn onzichtbare rugzak zat, werd de wereld stap voor stap leefbaarder. Mijn drang naar de ‘uit-knop’ verdween naarmate ik leerde praten en schrijven.
Vandaag de dag sta ik heel anders in het leven. Ik draag kleur, ik voel me gelukkig en de zwaarte heeft plaatsgemaakt voor hoop. Met dit sluitstuk van de expositie wil ik laten zien hoe diep de littekens kunnen zitten, maar ook dat het gewicht niet definitief hoeft te zijn. Het is een verhaal over de fases van overleven, verwerken en uiteindelijk weer rechtop vooruitkijken.
Belangrijke informatie
Praten over zelfdoding helpt. Heb je nu hulp nodig of herken je de donkere gedachten uit dit verhaal bij jezelf of een ander? Je kunt geheel anoniem en gratis contact opnemen met Stichting 113 Zelfmoordpreventie via telefoonnummer 0800-0113 of chat rechtstreeks via hun website op 113.nl. Zij zijn 24 uur per dag, 7 dagen per week bereikbaar.